zondag 3 juli 2011

Opmerkingen / Tips / Informatie:

Opmerkingen:
We hebben in dit blog zo veel mogelijk de wegnummers vermeld. Makkelijk als je de route op een kaart zou willen opzoeken.

Tips:
- Veel foldermateriaal wordt al door verhuurder Canadream verstrekt.
- Veel foldermateriaal te vinden in de aankomsthal van vliegveld Vancouver.
- Bij elke entree van een plaatsje wordt de weg gewezen naar een Visitor Centre. We zijn nergens onvriendelijk behandeld. Lijkt wel of men op JOU staat te wachten.
- Wij hadden voor vertrek uit Nederland al een Discovery Pass aangeschaft. Die pas geeft toegang tot Nationale Parken in Canada. En is na aankoop één jaar geldig. Hiermee voorkom je, dat je elke keer voor iedere persoon een dagpas moet kopen.

Gebruikte boekjes:
- West-Canada van Aad Struik.  ISBN 978 90389 18945
Veel gebruikt; Goede routebeschrijvingen. Humoristisch beschreven en prettig leesbaar. Als je dit leest, wordt de zin om te gaan steeds groter.
- Canada West van Nelles Gids.  ISBN 978 90274 99950
Gebruikt. Routebeschrijvingen. Zakelijk beschreven.
- Canada-West van Marco Polo ISBN 978 90475 04795
Weinig gebruikt. Leuk om door te lezen voor je vertrekt.

Camperdag 18 (25 juni 2011) Calgary e.o.

Tja, vandaag is een korte camperdag. De laatste spulletjes worden ingepakt en de camper krijgt nog onze laatste inspectieronde. We gaan de camper inleveren. Het is nog een aardige rit naar het inleverpunt van Canadream. Glenn en Greta rijden voor.

Alle lof voor Canadream. Een goed geoliede organisatie. We hebben weliswaar geen ervaringen met andere bedrijven, maar het loopt hier in elk geval gesmeerd. Hier lopen we ook Jan en Corrie nog tegen het lijf. Alleen deze keer was dat te verwachten. Zij gaan nog niet naar huis, maar blijven nog 14 dagen bij familie.

Glenn en Greta geven ons vandaag een rondleiding door Calgary en omgeving. Ze trakteren ons op koffie en een heerlijke lunch. We worden de hele dag in de watten gelegd. Schitterend !!. Gaaf !!.

Calgary is groot; mega-groot met zijn 1 miljoen inwoners. Er is alleen hoogbouw in Calgary-Downtown. De rest is allemaal laagbouw. De Bow River kronkelt door Calgary en langs downtown.

We worden geleid langs allerlei oude gebouwen, huizen en een kerk die rond 1905 gebouwd zijn. Een oudere historie is hier nauwelijks te vinden. In 1886 is het houten centrum van Calgary afgebrand. Sindsdien werd alleen nog in steen gebouwd. Zandsteen, dat werd gevonden aan de oevers van de Bow River. Reden waarom historische grote gebouwen als een kerk veelal een gele-bruine kleur hebben.
Winters in Calgary zijn koud (tot – 30 ºC) en gaan gepaard met veel sneeuw. Reden waarom men de hoogbouw in Downtown via loopbruggen met elkaar verbonden heeft. In totaal 59 passages waardoor een 16 kilometer lange indoor- en klimaatgeregeld voetgangerspad ontstaat. Wel zo handig als er buiten een flink pak sneeuw ligt.

We bezoeken ook nog een Mall. Een mega-groot winkelcentrum, waarin honderden winkels zijn ondergebracht. Twee verdiepingen en wel twee kilometer lang. Aangekleed met allerlei gezellige zitjes. In de winterdag maken de senioren hier hun broodnodige looprondjes. Ook joggers leven zich hier in de koude wintermaanden uit, aldus Glenn. Of ouders die hun kleine kinderen hier even de ruimte geven.


Na een heerlijke lunch gaan we ook nog even richting Chestermere, waar de echte prairies beginnen. Plat en wijds.

Rond uur worden we naar het vliegveld gebracht. Glenn en Greta begeleiden ons helemaal tot aan de incheckbalie. Daar nemen we afscheid. Een onvergetelijke dag. Dank je wel Glenn en Greta.

Nog een laatste foto en de vakantie zit erop. We nemen afscheid van Canada en zijn beren.

Camperdag 17 (24 juni 2011) Banff – Calgary

We zijn vroeg wakker. Na het ontbijt nog gauw een laatste foto van ons plekje op deze ruime campground.

We rijden eerst naar de carwash in Banff. Arend doet de buitenkant en Ellen houdt zich bezig met het inpakken van de koffers. Toch wel een beetje droevig.

Daarna gaat het via de Hw 1 naar Canmore. Deze plaats ligt aan het begin (of einde) van de Rockies. Canmore krijgt van ons een bliksembezoek.
.  

Vanaf Canmore kunnen we weer de rustige 1A volgen. Wat we ook doen. We laten de Rockies nu echt achter ons en rijden nu door valleien en prairies. Eerst nog was heuvelachtig met glooiingen, daarna plat. Geeft toch een heel andere kijk.

Via de 1A en het Ghost Lake komen we steeds meer in de buurt van Calgary. We stoppen nog even bij een oud kerkje, dat hier midden in niemandsland staat. De Mc Dougall Memorial United Church. Gebouwd in 1875 en gerestaureerd in 1952. We krijgen een rondleiding van Brian, een 70 jarige enthousiaste vrijwilliger.

Ellen maakt nog een laatste foto van dit –totaal andere- landschap.

Rond uur komen we in Calgary bij neef Glenn. Veel eerder dan afgesproken. We worden bijzonder gastvrij onthaald. Glenn vindt het prachtig. En wij ook. Wij zijn de eerste neven/nichten van zijn moederskant, die hen in Canada bezoeken. We worden onthaald met een BBQ. Maken opnieuw kennis zijn kinderen en zijn eerste kleinkind waarop Glenn beretrots is. Wij kennen dat gevoel.  Het is een gezellige avond. Ondanks dat we elkaar ruim 10 jaar niet hadden gezien, voelden wij ons thuis. Vanavond blijft de camper onbeslapen op de oprit staan.

Vandaag 151 km gereden.

Camperdag 16 (23 juni 2011) Banff e.o.

Vandaag bouwen we echt af. We hebben zin in een rustige dag. Vanavond komen Hannie en Cees even. Maar eerst zwaaien we Jan en Corrie weer uit. Zij gaan alvast in de richting Canmore. Wij gaan eerst naar de Hoodoos. Volgens het boekje zijn dit hoog oprijzende geërodeerde aarden piramides. De foto spreekt voor zich.
.
Wij gaan in Banff op zoek naar een Carwash. Na veel vragen vinden we er een op het industrie gebied. Bij het spoor. Daar gaan we morgenochtend eerst ons smerige campertje schoonmaken.

Als we bij de spoorwegovergang even kijken, dan staat daar een grote goederentrein met ronkende motoren te wachten. Even later komt er een oude stoomloc van de Canadian Pacific met passagierswagons langs fluiten.
.  


Vervolgens gaan we rustig over de toeristische 1A naar de Johnston Canyon. Misschien komen we hier op deze weg nog wat animals tegen. Helaas; dat beperkt zich tot slechts drie kariboes.

Bij de Johnston Canyon is het duidelijk drukker dan wij tot nog toe gewend waren. Hier gaat het ook anders dan tot nog toe. De meeste canyons zagen wij van boven. Hier lopen we via aangelegde paden door de canyon; naast het wild stromende water. En dat geeft andere beelden.


De terugweg gaat weer –langzaam rijdend- over de 1A. Wel mensen die zich erg opdringen aan een van de drie kariboes. Ze worden even later door een ranger weggestuurd. Gelukkig.
.

Rond uur zijn wij terug op de Campground. Hannie en Cees komen even later. Het wordt een gezellige boel. Veel ervaringen worden uitgewisseld.

Vandaag 60 km gereden.

Camperdag 15 (22 juni 2011) Banff e.o.

Vandaag waren we laat op. Pas rond uur verlieten we de camping. We gaan eerst naar Lake Minnewanka. Onderweg komen we nog een kudde berggeiten tegen. Ze lopen op de weg. En trekken zich niets aan van die auto’s. De rest ligt gewoon in de berm. De berggeiten zien er niet mooi uit. Ze hebben nog steeds een deel van hun wintervacht.
.
Lake Minnewanka is het grootste meer in het Banff National Park. In 1941 is de waterspiegel van dit meer opeens met ruim 20 meter gestegen. Waardoor het dorp Minnewanka Landing onder water kwam te staan. Niemand weet waarom en waardoor. Nu een waar eldorado voor duikers, die tussen de huizen kunnen zwemmen. Er zijn veel toeristen. Reden voor ons om vrij snel daarna weer door te rijden.
.

Via een kleine weg gaan we verder richting Banff. En komen spontaan in de buurt van Bankhead. Dit is een voormalig mijnwerkersdorp. Opgericht rond 1905 door de Canadian Pacific Railway. De produktie viel toch tegen. In 1922 heeft men het dorp volledig afgebroken. Slechts een paar restanten van gebouwen en oude werktuigen staan er nog.
,

Vlakbij Banff is de Bow Falls, een waterval, waar toch wel erg veel bussen met toeristen komen. Ook toen wij er even stonden. Een aardige waterval als je geen tijd hebt om meer in Canada te ontdekken. Wij vonden het tegen vallen. Maar ja; wij waren verwend…
.

Banff is een gezellige plaats. Leuk om even door te lopen. Winkelen is leuk, maar volgens ons moet je wel een dikke portemonnee hebben. Wil je zelf een blik werpen op het straatleven in Banff ? http://www.rockies.com/banffwebcam en bestuur zelf de webcam.

In Banff staat het Banff Springs Hotel. Gebouwd in 1888 in opdracht van de Canadian Pacific Railway. Het voormalig houten hotel brandde af en werd in 1928 weer opgebouwd in steen Keertje overnachten ? Dan kan vanaf $ 440,--. Te duur ? Ga naar binnen en bestel gewoon een kopje thee van $ 42,--. We weten niet of dit incl. een fooitje is…
.

We hebben het gehad. Het schijfje is vol. We gaan richting Norquay. Een hoger gelegen skigebied, waar nu geen sneeuw meer ligt. Hier hebben we de camper aan de kant van de weg bij een stuk gras gezet en heerlijk in het zonnetje genoten van een boek en de natuur. We worden 'gestoord' door een SMS-je van Hannie en Cees. Ze zijn aangekomen in Red Carpet Inn te Banff. Wij moeten nog een plekje zoeken. Rond uur gaan we op pad. Niet meer naar de muggencamping. We strijken neer op Campground Tunnel Mountain. Op zoek naar ons plekje K23 rijden we Jan bijna van de sokken. Jan en Corrie staan op K37. Gezellig. Voor het eerst eten we buiten aan een picknicktafel.

Na het eten schuiven we bij Jan en Corrie aan. Nog lekker buiten. De verhalen komen los. Jan vertelt smeuïg; alsof je het zelf meemaakt. Pas om uur rukken wij ons los en gaan we terug.  

Vandaag 68 km gereden.

Camperdag 14 (21 juni 2011) Radium Hot Spings – Banff

Vanmorgen tijdig opgestaan. Want er is onderweg naar Banff veel te zien. Halverwege de camping en Radium Hot Springs komen we weer bij het schitterende uitkijkpunt. Nu heb ik de video gebruikt om wat vast te leggen.

Eerst maken we nog een klein rondje door Radium HS. Chique plaats. Het lijkt of hier alleen welgestelden wonen. Vervolgens zijn we via de Hw 93 het Kootanay Nat. Park ingereden. Meteen worden we al verrast door een schitterende kloof, waar deze weg doorheen loopt. De Sinclair Canyon. Net daarna komen we bij Olive Lake. Een ondiep meertje, verschrikkelijk helder. De boomstammen zie je op de bodem liggen. Het heeft een bron onder water. Je ziet ook regelmatig belletjes boven komen.

We gaan verder en vrijwel meteen zien we een bruine beer, die lekker in de berm ligt te eten van de gele paardebloemen. Ligt; af en toe staat de beer op en ploft bij het volgende hapje neer.

Een stuk verder gaat de Hw 93 weer omlaag en rijden we even parallel aan de Kootanay River. Hier lassen we een koffiepauze in. Lekker warm; zonnetje bakte goed. De Kootanay River stroomt hier verschrikkelijk snel. Of het moet komen omdat er de afgelopen dagen veel regen is gevallen.
.

In het daarop volgende gedeelte hebben we genoeg wildlive gezien. Zoveel, dat we er niet alle keren voor gestopt zijn. Een drietal herten, twee moose (eland), een groot hert (of rendier) met een machtig gewei, een zwarte beer en tot slot nog een hert. Opvallend is, dat de dieren zich niets van het verkeer aantrekken. Het verkeer is er gewoon. Punt uit. Behalve de twee elanden; die stonden te drinken bij een pool. Zij waren redelijk schuw. En verdwenen bij het minste of geringste geluid.
.

We rijden nu door een gebied, dat in 2003 geteisterd is door een blikseminslag en daarna een grote bosbrand. Hierbij werd 170 km² bos verwoest. De restanten –kale rechtopstaande stammen- laten een lugubere indruk achter.
.

We hebben ook nog de Paint Pots bezocht. Een wandelpad van 1,5 km brengt ons bij een bron, waaruit water opwelt. Dat water is rijk aan ijzersulfaat, dat zich daarna geleidelijk afzet en een okerachtige kleur achterlaat op de grond. Deze stof werd vroeger door de Indianen als kleurstof voor beschilderingen gebruikt.
.
Onze volgende stop is bij Marble Canyon (niet te verwarren met onze 2e camping). Deze Canyon is ruim 60 meter uitgesleten. Het water slingert, kronkelt kolkt in de diepte.
.

Zowel Marble Canyon en de Paint Pots liggen redelijk dicht bij Banff. Een goede dagtrip.

De Hw 93 eindigt tussen Lake Louise en Banff. Wij zijn niet via de Hw 1 naar Banff gereden, maar hebben over het viaduct de Hw 1A gevolgd. Deze is veel aantrekkelijker en rustiger. Bovendien heb je hier kans om meer wildlive te zien. Wij hadden pech.
We zijn neergestreken op Two Jack (main) Campground in het Banff National Park. Het barst hier van de muggen. We gaan pas naar buiten als het moet. 

Vandaag 199 km gereden.

zaterdag 2 juli 2011

Camperdag 13 (20 juni 2011) Wasa Lake - Radium Hot Springs (Dry Gulch)

We beginnen deze dag door eerst naar het Wasa Lake zelf te rijden. Dit meer schijnt verwarmd te worden door een hot spring (hete bron). En als ik eerlijk ben, dan voelt het niet koud aan. Maar ook niet uitnodigend om een duik te nemen.
Onze reis gaat nog even terug naar Kimberley. Over de Hw 95a. Aan weerszijden van deze weg tracht men de oude oorspronkelijke natuur te herstellen. We zien hier diverse “wildlive”, waaronder 6 herten en een vosje.
.

Kimberley heeft volgens de boeken een Duitse / Beierse uitstraling. Wat volgens ons niet echt gelukt is. Zo heeft men een grote klok gebouwd, iets wat we ook regelmatig aantreffen in dorpjes in het Zwarte Woud.
.

We gaan na dit uitstapje terug over de Hw 95a naar de Hw 93 richting Radium Hot Springs. Maar als we al even voorbij Skookumchuck (daar struikel je met de tong over) zijn, weet Ellen een zijweg die leidt naar het Whiteswan Lake Procincial Park. Hier moet een natuurlijke warme bron zijn. Bovendien schijnt de weg te leiden door een dierrijk gebied. Nou; dat dierenrijk beperkte zich tot zes geringde zwarte koeien. Maar de warme bron (Lussier Hot Spring) hebben we gevonden. En gebruikt.
.

Verder over de Hw 93 worden we in de buurt van Fairmont Hot Springs verrast door een hoge gele rotsformatie. Waardoor dit ontstaan is weten we niet; maar het ziet er indrukwekkend uit. Lijkt op kalkzandsteen. De Hw 93 loopt nog even langs deze rotsformatie en gaat vervolgens over de Columbia River verder in noordelijke richting.
.

Langzamerhand komen we in de buurt van Radium Hot Springs. We besluiten een nachtplek te kiezen op Dry Gulch. Maar eerst nog een frisse duik in de warme hotsprings. Erg touristisch, maar heerlijk warm.
.

Vandaag toch nog 227 km gereden.

donderdag 30 juni 2011

Camperdag 12 (19 juni 2011) Balfour – Wasa Lake (Prov.Park)

Kennelijk was de vorige dag toch ingrijpend. Of de camperplek te donker door de hoge bomen. In elk geval werden we pas om uur wakker. Ontbijt even overgeslagen. Snel op pad naar de ferry die ons naar de overkant van het Kootenay Lake moet brengen. De wachttijd gebruiken we om het ontbijt en een kop koffie te nuttigen.
.
  
Als we na een vaartocht van 45 minuten aan de overkant zijn, laten we eerst alle andere auto’s passeren. Hebben we lekker de hele weg voor onszelf. In elk geval het eerste stuk. We vervolgen de Hw 3A richting Creston. We gaan door een bosrijk gebied over een mooie slingerweg. Heerlijk rustig.

Aan de weg naar Creston liggen diverse kleine plaatsjes. Zo klein, dat ze niet eens een echte kern hebben. In Boswell staat aan het meer een huis, opgebouwd uit allemaal vierkante flessen. Het werk van een apotheker, die de flessen overal in het hele land vandaan haalde. Het wordt zelfs een toeristische attractie genoemd.
.

Tussen de plaatsjes Boswell en Wynndel verandert het landschap in een brede vallei met akkerbouw en weilanden. Even heel wat anders dan de bergen en sneeuw.
.

In Wynndel staan nog een paar oude graansilo’s. En als we onze weg vervolgen, komen er nog diverse herten over ons pad.
.

Via Creston en Erickson komen we in de buurt van de grens met de VS. Daar hebben we ook nog even de camper gewogen doordat we per ongeluk over een weegbrug reden. 4010 kg stond er op de teller. Ja; een heel zwaar campertje. Via Yahk gaan we verder over de Hw 95 (Crowsnest Highway) naar Moyle. En laten ons daar verrassen door dit schitterende oud kerkje uit 1904.
.

Na een bliksembezoek aan Moyle gaan we verder over de Hw 95 naar Cranbrook. Over Cranbrook is weinig te zeggen. Toch wel; de wegen in het plaatsje zijn slecht; erg slecht. Menig zandweg is beter. Achter de McDonald hebben we eventjes een internet verbinding gekregen via de buurman Starbuck.

Via Fort Steele (toeristisch museumdorpje) zijn we in Wasa beland. We strijken neer in het Wasa Lake Provincial Park.

Vandaag 264 km gereden.

maandag 27 juni 2011

Camperdag 11 (18 juni 2011) Revelstoke – Balfour (Kokanee Park)

Vanmorgen na het ontbijt eerst de ouders gebeld. Ze zijn vandaag zowaar 60 jaar getrouwd. Gezien de reactie is het een grote verrassing dat we bellen. Vlak voor we vertrekken maken we nog een paar mooie foto’s van de weerspiegeling in het Williamson Lake.
Ook nog even een bezoekje aan de Farmers Market, waar de “boeren” hun eigen produkten aan de man proberen te brengen. Groente, zeepjes, gebreide kinderkleding, houtsnijwerk, etc etc.
.

We vertrekken zuidwaarts over de Hw 23 richting Shelter Bay. Onderweg worden we nog verrast door twee zwarte beren. Ze struinen behoorlijk wild door het hoge gras in de berm. Waarschijnlijk een mamabeer en een al wat ouder jonkie...
.

Niet alleen grote dieren trokken onze aandacht; ook kleine snoepies hebben we gezien. Daan en Britt; vinden jullie deze ook lief ? Wij wel…
.

Bij Shelter Bay sluiten we aan in de wachtrij voor de ferry. Die mag ons in een half uurtje over het Upper Arrow Lake brengen naar Galena Bay. De Hw 23 gaat hier verder naar Nakusp. Wij ook…
.

In het plaatsje Naskusp buigen we linksaf naar New Denver over de 31A. Daar hebben we een kleine Japanse tuin bekeken. De Kohan Reflection Garden. Deze is aangelegd ter herinnering aan de Japanse Canadezen die in WO II geïnterneerd waren.

Daarna gaan we via de 31A verder naar Kaslo. Dit is een schitterende weg. Veel bochten. Er reden dan ook heel veel motorrijders. Toch oppassen geblazen. Wij werden geconfronteerd met een hert, welke doodgemoedereerd midden op de weg stond. En ons ook nog verbaasd aankeek. Zo van “Wat mot jij nou hier ?”
In Kaslo hebben we ons eerste ijsje gegeten. We konden de verleiding niet weerstaan. Heerlijk !! In Kaslo ligt een grote gerestaureerde radarboot, de SS Moyie. Heeft jarenlang dienst gedaan op het Kootenay Lake.
Over de Hw 31 naar Ainsworth Hot Springs gereden. Daar hebben we heerlijk gebadderd in de hete bronnen. Drie baden in totaal; een bad van pakweg 38 graden; een grot met water van 40 graden en een dompelbad van 10,5 graden om de heethoofden weer af te koelen. Foto’s ? Jammer dan… Wel een plaatje van de folder hieronder.
.

Het is al bijna donker als we nog op zoek moeten naar een nachtplekje. Dat vinden we ongeveer 20 kilometer verder in het Provinciale Park, de Kokanee Campground. Waar we total-loss in bed rollen….

Vandaag 273 km gereden.

Camperdag 10 (17 juni 2011) rondom Revelstoke.

We zijn de dag rustig begonnen. We blijven vandaag rond Revelstoke hangen. Na het ontbijt vertrokken en eerst Revelstoke zelf een beetje bekeken. Het lijkt erop, dat de spoorlijn een grote invloed heeft gehad op de bouw van het plaatsje. Het ligt namelijk grotendeels langs de spoorlijn. Er is een keerpunt voor locs, een onderhoudsplaats, er staan sneeuwschuivers voor de rails en er is een spoorwegmuseum. Revelstoke zelf is opgebouwd zoals veel andere plaatsen; rechte wegen, streets en avenues, blocks. Erg saai vergeleken bij de kernen van de kleinere plaatsen in Nederland. Een van de toegangswegen van Revelstoke worden gemarkeerd met een paar gigantische beren.
.

Daarna zijn we terug gereden richting Rogers Pass. We gaan twee korte trails lopen. De Skunk Cabbage Boardwalk Trail, welke grotendeels door een moeras loopt. Grote aronskelken, die helaas nog niet in bloei staan. Verder barst het van de vogeltjes, die zich wel laten horen maar niet laten zien. Daarna de Giant Cedars Boardwalk Trail. Hier staan eeuwenoude rode cederbomen en hemlocksparren. Indrukwekkende bomen, die volgens de beschrijvingen toch zeker 500 jaar oud moeten zijn.
.

Vervolgens zijn we terug gereden richting Revelstoke. Bovenop een berg ligt Balsam Lake, bereikbaar via de “Meadows-in-the-Sky Parkway”. Een weg, 26 kilometer lang, 16 haarspeldbochten, goed voor een klim van 1030 meter. Leuk voor de motor. Na 12 kilometer kunnen we niet verder. De weg is afgezet, omdat er nog sneeuw zou liggen. Maar ook vanaf deze hoogte hebben we een schitterend uitzicht op Revelstoke.
.

Vandaag 130 km gereden.

Camperdag 9 (16 juni 2011) Field – Revelstoke.

De dag begint leuk; er scharrelt een groundsquirle (grond-eekhoorntje) rond de camper.
De Monarch Campground ligt aan het begin van de 13 km lange Yoho Valley Road. Deze leidt naar de Takakkaw Falls. De op één na hoogste waterval van Canada. De weg is –helaas- afgesloten. We gaan wel naar de Spiral Tunnels. Een echte blikvanger. Men heeft er zelfs een parkeerplaats aan gewaagd. Hier kruipen en ploeteren de lange goederentreinen omhoog (of oplaag). Daarbij gaan ze de tunnel alweer uit, terwijl de laatste wagons er nog niet eens in zijn gegaan. Op deze foto is de trein zelfs drie keer te zien. Eerst op de voorgrond tussen de twee kijkers. Daarna bovenaan, waar de trein de tunnel inrijdt. Tot slot in het midden, waar de trein de tunnel uitkomt rijden.
.

Vervolgens zijn we verder gegaan in de richting van Revelstoke door het Yoho National park. Daar vinden we een natuurlijke stenen brug. Die is door de Kicking Horse River op die manier uitgesleten. Ook een echte trekpleister.
.

Het Emerald Lake lag een klein stukje verder. Waar het een beetje regende. Jammer, want daardoor missen we een mooie weerspiegeling in het water. Er zijn trouwens meer Nederlanders hier op pad. Voor je het weet krijgt je een Nederlands antwoord. Van een onbekende.

De volgende plaats aan deze weg is Golden. Waar Ellen een scrapbookwinkel wist te vinden. Het assortiment viel echter tegen. Deze hobbyisten hebben het niet slecht in Nederland.
Golden is niet groot, maar ziet er wel leuk uit. Er ligt een grote overdekte houten brug. Geen oude maar een nieuwe.

Na Golden gaan we over de Rogers Pass (1327 meter), het hoogste punt van de Trans Canada Highway. En daar de tijdgrens ook gepasseerd, waardoor deze dag een uur langer duurde.

Eerst lopen we een korte trail bij de Hemlock Grove. Nog gesloten, maar toch even de grote hoge dennen bekeken.
.

Tot slot zijn we doorgereden en hebben in Revelstoke een camping aan het Williamson Lake voor twee nachten geboekt.

Vandaag 257 km gereden.